Slechtvalken en postduiven

http://www.slechtvalkvenlo.nl/
Slechtvalken en postduiven

Waarom pakken slechtvalken gemakkelijk postduiven als prooi?

Dat blijkt een goede vraag te zijn, omdat er honderden stadsduiven in Venlo rondvliegen en er sinds de jachtbeperkingen ook zeer veel houtduiven en ook Turkse tortels het luchtruim kiezen.
Het verschil zit in wezen in de kweek en de inprint in de overgang naar zelfstandig-heid van de jonge vogels.  Als jonge duiven in de vrije natuur beginnen te vliegen, blijven ze nog enkele weken afhankelijk van de oude duiven die ze dan nog voeren en ondertussen de weg leren naar de voedselbronnen, maar ook de jongen leren oplettend en beducht te zijn voor gevaren die van buitenaf komen.
Jonge postduiven daarentegen worden, voordat ze kunnen vliegen, al bij de oudervogels weggenomen, geleerd om te eten uit voederbakjes en onder gaas op de landingsklep gezet om de omgeving te leren kennen en met de weg terug in het hok vertrouwd te maken. In diezelfde periode raken ze ook gewend aan mensen en de begeleidende roep- of fluittonen als het voedertijd is. Van de gevaren die loeren in de grote vrije wereld leren ze echter helemaal niets want in het gesloten hok zijn geen gevaren die ze bedreigen.  Het enige dat deze jonge vogels geleerd wordt  is zo snel mogelijk de weg naar huis te vinden vanaf onbekende en ver weg gelegen plaatsen en gebruik te maken van een aangeboren instinct dat hun het juiste richtinggevoel geeft. Omdat dit instinct niet bij alle duiven even goed ontwikkeld is, selecteren de goede wedstrijdvogels zichzelf tot belangrijke wedstrijd- en kweekduiven. Dit zijn dan ook de duiven die via het wedsysteem het aan vluchten verbonden geld op moeten brengen, om maar niet te praten over wat er betaald wordt voor een bewezen goede kweekduif die de goede genen doorgeeft. Wie wel eens de lossing van wedstrijdduiven heeft meegemaakt, heeft kunnen zien hoe de duiven met het beste richtinggevoel zich snel losmaken van de rondvliegende meute en naar huis vertrekken en de minder bedeelden nog langere tijd rondjes draaien om alsnog de goede richting te vinden. Het zijn juist deze zoekende duiven en ook zij, die de weg helemaal niet gevonden hebben en rond blijven dwalen, die een prooi voor de slechtvalken worden in hun onoplettendheid.
Het vorig jaar heb ik een handvol ringen geanaliseerd en gecontroleerd op herkomst en daar was slecht één duif uit Venlo bij. De volgend dichtstbijzijnde kwam uit Reuver. Er waren een viertal ringen bij uit de kop van Noord-Holland waar een aparte duivenbond blijkt te bestaan en ook waren er diverse ringen bij uit Denemarken. De laatste twee hebben gemeen dat ze hun duiven lossen op de Groote Heide op de parkeerplaats bij het hondenoefenterrein en dat levert voor de slechtvalken de prooien op om de reden die ik hiervoor omschreven heb.
Jeu Smeets
zie ook:  http://www.werkgroeproofvogels.nl/images/postduif2018.pdf